Dit is de vraag die ik mij ook stelde, waarom vrijwilligers werk doen als anderen dit al doen.
Eigenlijk is dat erg egoïstisch om zo te denken, en jammer om zo te denken dat het allemaal wel goed komt met de uilen. Uilen hebben mij al vanaf kinds af aan erg gefascineerd, echter heb ik mij nooit gerealiseerd dat er zoveel werk voor nodig is om de uilen populatie in stand te houden.
Nadat ik een verfrissend gesprek met André Eijkenaar had gehad, werd mij voor gesteld om eerst eens met iemand mee te lopen die een rayon beheert. Zo kon ik goed ervaren wat vrijwilligers werk nu precies inhoud en of dit wel iets voor mij was ja of de nee. Ik word ingedeeld in het gebied van Woldendorp tot Bellingwolde, met in dit gebied 35 nestkasten. Deze nestkasten worden gemiddeld drie keer per jaar bezocht en als er activiteit is zal dit wat vaker zijn. Dit komt doordat een kerkuil drie legsels in een jaar kan hebben, wat niet altijd voorkomt. Na een snelle rekensom, 35 kisten x 3 bezoeken is 105 bezoekjes per jaar, dan heb je het erg druk met het vrijwilligerswerk. Echter worden niet alle kisten gebruikt om te broeden, dus het aantal bezoeken varieert per jaar. Het eerste jaar is puur ervaring opdoen en goed om je heen kijken, ik wilde zoveel mogelijk leren en zien.
Nadat ik de eerste kerkuiltjes in mijn handen kreeg gedrukt was ik meteen verkocht, daar sta je dan als volwassen kerel weg te kwijnen bij het kleine grut. Dit was voor mij ook de doorslag om hiermee door te gaan. Ik realiseerde mij vrij snel dat de Kerkuil de hulp van de mens erg hard nodig heeft om te overleven. Dit geld ongetwijfeld voor meerdere soorten uilen in Nederland, echter vind ik de Kerkuil de meest intrigerende uil en het mooist om te zien. Nadat ik deze beslissing had genomen, werd ik al snel gevraagd om het zelfde rayon waar ik stage had gelopen zelf te gaan beheren. Hier hoefde ik niet over na te denken alleen maar ja te antwoorden.
Het contact met de mensen waar een nestkast hangt is erg leuk en variërend, deze mensen zijn hard nodig voor het overleven van de Kerkuil. Dit is iets waar je pas achter komt als je ermee word geconfronteerd en dan snap je meteen dat deze mensen ook vrijwilligers zijn.
Ik begin steeds meer te begrijpen hoe veel werk het is voor de Kerkuil om te overleven. Door het werk wat vrijwilligers doen, hopen we de Kerkuil een flinke steun in de rug te zijn zodat zijn overlevingskans maximaal is. Door veel te observeren en te registreren hoop ik de Kerkuil te doorgronden en hem op mijn best te mogen helpen.
Daarom vrijwilliger worden!
Met vriendelijk groet,
Remo Sloof